WELKOM OP MIJN WEBLOG
Graag nodig ik iedereen van harte uit mij ook dit jaar weer te volgen op mijn Thailandreis. Ik beloof jullie uitgebreide verslagen, prachtige foto's en waar mogelijk misschien zelfs af en toe een filmpje te plaatsen. VEEL PLEZIER!!!
Bekijk je deze blog voor de eerste keer dan kun je onderaan de pagina oudere berichten oproepen.
dinsdag 22 februari 2011
Afscheid, weer thuis
maandag 14 februari 2011
Einde alweer in zicht
13 februari, ja zo ongeveer het begin van het einde van de vakantie. Een laatste dag waarop ik van plan ben het er nog maar even goed van te nemen. Genieten van de zon, zwemmen, al het moois om me heen. Want dat staat voor mij als een paal boven water, het is een heerlijk stukje Thailand, een klein paradijsje op aarde. In de loop van de week heb ik met mijn telefoon wat shotjes gemaakt. Vandaag doe ik wat knip- en plakwerk en uiteindelijk, letterlijk met horten en stoten, kan ik hopelijk wat van de sfeer aan de lezer van mijn blog overbrengen d.m.v. het bijgesloten filmpje. Heerlijk toch? Die geluiden alleen al. (het rinkelen van de vaat daargelaten)
De dag begint weer met een aardigheidje, Aad krijgt een gebakken eitje, met alles erop en eraan in de vorm van een butterflytje. (rijmelarij van niks maar vooruit maar) Een klein detail, maar het is leuk dat daaraan regelmatig aandacht wordt besteed. En ook bij het avondeten een verrassing speciaal voor hem op onze laatste avond hier. Als toetje sticky rice met mango. Zijn favoriete toetje. Ik moet zeggen dat ik er ook niet vies van ben. Dan op de laatste dag ook nog een hele kleine toegift van de natuur op al het moois dat we al gezien hebben. Bezoek van een klein, fijn kikkertje. Op grote afstand laat zich nog een voor ons onbekende vogel zien. Het blijkt om een Drongo te gaan. Een in de Tropen en Subtropen in het regenwoud voorkomende vogel. Best bijzonder ook al is de foto niet perfect. Zichtbaar is in elk geval een typisch kenmerk van deze vogel. Een lange verenloze staart enkel met 2 veren aan het uiteinde. Ja tijdens deze reis zagen we veel “vreemde-“ en veel onbekende vogels. Het is mooi geweest. Morgen wacht ons een lange reisdag. We kunnen ‘s morgens in elk geval op ons gemak vertrekken en we zien dan verder wel. Het hoort erbij, je neemt het op de koop toe.
zondag 13 februari 2011
Palmbomen en sightseeing
Dus dat wordt sjouwen. Vol goede moed wandelen we verder. Maar het is verschrikkelijk warm en zwaar. Tenminste voor mij. Terug is het probleem niet, maar dat lopen omhoog grmmmppphhmm.
We leggen toch nog een hele afstand af en hoe hoger we komen des te mooier het uitzicht wordt over de bergen en de zee. We krijgen loon naar werken. In dit gebied zitten tig verschillende soorten vlinders, van minimale grootte tot naar onze begrippen kanjers. Onze verwoede pogingen om ze te fotograferen lukt nauwelijks. Ongeduldjes zijn het, maar wel mooi. Overal horen we het hele fraaie geluid van een bepaalde vogel. Plotseling zie ik een vrij grote vogel overvliegen. Als we het ‘s avonds nakijken zou het best eens kunnen zijn dat het toch een vogel is uit de koekoekfamilie. Het geluid doet, ondanks dat het nogal verschilt wel denken aan dat van de bij ons voorkomende soort. Opmerkelijk dat we vandaag zelfs geen brommertje tegenkomen.
Op de terugweg stoppen we bij Nai Phlao beach. Het waait er hard. Lekker. Er liggen een paar eigenwijze “rode kreeftjes” flink te bakken. Er wacht me een tropische verrassing. Omdat ik geen tonic kan bestellen vraag ik maar om een green fanta. Dat lijkt me het meest fris. Als ik het drankje voor me zie staan draait mijn maag zo ongeveer om. Het zal wel weer zo super zoet zijn. Maar met de eerste slok is er meteen een klik met 45 tot 50 jaar geldeden. Hmmm de oude Exota! Die is volgens mijn nooit geëvenaard. Nu dus wel. We eten een klein hapje: stukjes banaan gebakken in deeg met vanille-ijs en delen samen nog een pannenkoek met honing. Zo we kunnen er weer even tegen. We maken een korte strandwandeling en rijden dan weer door naar Khanom beach. De route gaat over een zandweg. Ik zeg nog, “tjee je zou je was hier maar aan de kant van de weg hebben hangen”, als er een vrachtwagen van de andere kant komt rijden die de weg besprenkelt met water. Dat moet een genot zijn voor de mensen die langs de stoffige weg wonen. Bij Khanom beach drinkt Aad nog wat. Mijn Exota van een half uur eerder vind ik voldoende.
In Thailand heeft men soms heel simpele oplossingen voor een probleem. Op weg naar huis komen we voorbij een markt. Wat doe je als er geen parkeerruimte is? Gewoon een rijbaan afsluiten die gebruikt kan worden om te parkeren. Maar daarbij natuurlijk wel zorgen voor een paar druk gebarende en continu op een fluitje blazende agenten. Als we bij Ekman terugkomen is het snel omkleden geblazen. Buiten ons zijn er op dit moment maar 4 andere gasten en die eten geen van allen in het resort vanavond. We gaan met Staffan, Anna, Pee Pee en de kleine Leo uit eten.
Er zijn wat problemen geweest met internet dus pas vanavond laat kan ik mijn blog plaatsen. Samen met Ossie kijken we nog naar Liverpool – Wigham. Voor Ot een teleurstellende 1-1. Mij maakt het zoveel niet uit. Ik wil naar bed. Ik heb slaap.
zaterdag 12 februari 2011
Show
Aad en ik eten vroeger dan de rest van de gasten. Anna wil graag iets extra’s voor ons doen en heeft voor ons kaartjes gekocht voor een optreden van Ekachai Srivichai.
Al na het eerste nummer krijgt Ekachai rozen van zijn fans. De live band speelt goed, Srivichai zingt goed, maar de geluidsapparatuur laat te wensen open. De bassen dreunen door in mijn lijf. Op een gegeven moment tijdens het optreden van een soort cabaretgroep ligt het publiek zo ongeveer dubbel van het lachen. Twee nuchtere Hollanders zien het aan. De muziek varieert van Oosters aandoend, rustig en sierlijk tot heftig en wild hedendaags. Reclame van grote bedrijven als Yamaha, Chiang(beer) en Isuzu geven aan dat het niet zo maar om een optredentje gaat. Uiteraard ook overal drank- en eettentjes of eigenlijk moet ik zeggen tenten. Als we even na elf uur weg gaan staan er nog veel kramen met wel 6 vierkante meter aan etenswaren. Saté, popcorn, gebakken spek, noem maar op. Ik vraag me af hoe laat dit feest afgelopen zal zijn, als dat er nog allemaal doorgedraaid moet worden. Ook kramen met kinderspeelgoed, grote ballonnen etc. zijn aanwezig. Ik zei al het leek wel een grote kermis. Ik denk dat we zo ongeveer de enigen zijn die rond 11 uur aftaaien. Wij de farang worden door tig paar ogen nagekeken. Mooi al dat typische uit het Thaise leven dat we deze avond terugzien. Veel jongeren, nog in schoolkostuum, hangen wat flirtend aan de buitenkant van de ruimte. Opvallend al die zwarte koppies. Naast ons een uitzondering, een vrouws met grijs haar, net als ik. Jonge moeders gaan met het grootste gemak in de kleermakerszit op hun stoel zitten als hun kinderen in slaap sussen. En niet alleen de kinderen. Een Thai kan nu eenmaal op elk moment van de dag en overal in slaap vallen.
Een heel opvallend feit van de avond heb ik nog niet vermeld. Bij de entree en ook op het terrein waar het spektakel plaats vindt staan/lopen met geweren uitgeruste militairen. Volgens Anna maken deze mensen deel uit van de security en zijn geen militair. Security hoofdzakelijk bedoeld voor de veiligheid en bescherming van de zanger, die een grote status heeft in dit land. Grote groepen fans volgen hem overal.
Als we rond half twaalf terugkomen is alles donker. Iedereen ligt al in bed. Anna kijkt nog even vanaf het balkon en wil heel graag weten hoe we het vonden. We maken nog een praatje en dan is het ook voor ons tijd om te gaan pitten.
vrijdag 11 februari 2011
Khao Nan nationaal park, Khao Ka Archaeological Site
Echte zittenblijvers zijn we niet. We besluiten om naar het dichts bij zijnde nationale park Khao Nan te gaan. De dichts bij zijnde locatie waar je het park in kunt ligt op een steenworp afstand en omdat we een auto tot onze beschikking hebben wil dat al helemaal niets zeggen. Tenminste dat denk ik van tevoren. Aad wint informatie in bij de mensen hier en Tommie onze navigator volgt braaf de instructies die hij ingevoerd krijgt. Dit heeft wel tot gevolg dat we op vele plekken komen die we zelf nooit zouden hebben gekozen, maar toegegeven, het is in ieder geval weer een hele mooie route. Wat we dit jaar eigenlijk nog weinig zagen, zien we vandaag vaak. Ik vind het altijd een mooi gezicht .Niet typisch Thais maar toch: de witte reigers die om koeien heen dansen en ongedierte uit de huid van de koeien halen. Oftewel “reigers die koeien vlooien.” Een van de vele mooie momenten en belevenissen van vandaag, ook al balen we op een gegeven moment wel even. Het is lang, lang zoeken. Dat geven we op een bepaald moment dan ook maar op. We worden over zandpaden gestuurd, door de dikke rode klei, over betonblokken die langs de kant zo’n lekkere 90 graden hoek maken waar je dus beter maar niet vanaf kunt schieten en Aad moet af en toe langs diepe kuilen manoeuvreren op hele smalle weggetjes. Dan weten we het gewoon eventjes niet meer. Dan maar terug en bij het hoofdkantoor het park in. Maar hoe komen we daar?? Heel toevallig komt er als we even uitstappen een man op een brommertje aanrijden. Hij ziet volgens mij direct onze twijfel. Dat betekent in Thailand maar een ding: waar kan ik jullie mee helpen? Hij praat en praat, tekent de te volgen route op onze kaart uit, begint weer met een nieuwe uitleg. We zien dat hij moeite heeft met het lezen van onze kaart. Het enige wat vaststaat is dat in zijn verhaal een benzinepomp voorkomt. We zitten wel om benzine verlegen inmiddels maar wat moeten wij met zijn verhaal als zijn “niet weten” zo duidelijk is? Wat ik en ook Aad zo langzamerhand hebben geleerd is dat een Thai je altijd wil helpen zelfs als hij het antwoord op een vraag niet weet. We bedanken hartelijk en als hij uit het zicht verdwenen is besluiten we: auto aan de kant, hier gaan we wandelen. We lopen door rubberplantages en bos. Overal geluid van stromend water en vogels.
Als we beneden ons een riviertje zien stromen lopen we er even naar toe. In de middle of nowhere staat aan de andere kant van het water een typisch Thais huisje. De bewoner komt volgens mij net naar beneden op zijn brommertje en heeft zich al half uitgekleed om door het water naar zijn huis te gaan. Als hij ons opmerkt doet hij snel een doek om. Hij loop recht op ons af en vraagt of hij ons ergens mee kan helpen. “Nee hoor, dankjewel, we lopen hier alleen lekker te wandelen. We nemen hier zomaar een kijkje. Oke khohhbkhoen kha”. Als we weer boven zijn lopen we nog een klein stukje door en dan vinden we het weer welletjes. We lopen terug naar de auto, deels door de pijlen te volgen die Aad in het zand heeft gezet. Stukken slimmer dan klein duimpje! De man die we eerder bij het riviertje zagen rijdt ons voorbij. Zijn hele gezinnetje op de brommer. Vier mensen dat is geen enkel probleem. Door kuilen hobbelen evenmin. Het is jammer dat vlinders soms nog ongeduldiger zijn dan mensen. Ik krijg geen kans er een van de aparte soorten die we zien te fotograferen. Wat er ook gebeurt Aad besluit om op de terugweg, d.w.z. als de gelegenheid zich voordoet, alleen nog maar over verharde wegen te rijden. We hebben nog een paar missers, maar tenslotte komen we op de weg uit die we moeten hebben. Aad heeft zelfs in “de binnenlanden” kunnen tanken.
Langs de route terug naar het resort nemen we nog een kijkje bij de archeologische vindplaats Khao Ka. Het lijkt wel alsof het duveltje er vandaag mee speelt. Alle hekken gesloten. Voor de derde maal schiet een Thai (ja, op een brommertje) ons te hulp. Hij ziet ons twijfelen en zegt ons dat we gerust over de hekken mogen klimmen. Normaal gesproken kan hij als er zich iemand meldt de beheerder bellen voor de sleutel. Daar vindt hij het nu een beetje laat voor. We lopen naar boven. Op weg daar naar toe zien we hoe Boeddha van boven op het dorp neerkijkt en het beschermt.
Het zijn slechts schamele restanten die we te zien krijgen maar toch is het jammer dat deze ruïnes (het is eigenlijk een te groot woord) er zo bijliggen. Dat ken ik dan veel minder van Thailand. Bezienswaardigheden, nationale parken worden heel goed bijgehouden. Maar dit even terzijde. Als we weer beneden komen is de man nog steeds in de buurt. Hij blijkt de naaste buurman. Hij vertelt nog dat een kopie van deze oude cultuur/tempel te zien is in het Nationaal museum in Bangkok. Hij spreekt goed Engels en dit keer neem ik dat dan ook voor waar aan. Hij geeft ons nog een tip voor de komende dagen. Een plek waar je goed kunt wandelen en waar je een, volgens hem, prachtig uitzicht hebt over de omgeving: de Golf van Thailand en het Knanom Nationaal Park. Om welke tempel of cultuuruiting het nu precies gaat is me eigenlijk niet duidelijk geworden. Onderweg stonden enkel informatieborden in het Thai. Die borden heb ik gefotografeerd en ongetwijfeld wil iemand in het resort wel even helpen met de vertaling en uitleg. Dit houden mijn lezers dus tegoed.
Het blijkt een goede beslissing te zijn geweest om nog even naar de ruïnes te gaan, Na 7 keer Thailand zie ik op de route nu eindelijk hoe rijst er in de eindfase van verbouwing uitziet. Het is nog net wat anders dan ik altijd heb gedacht. Nu moest het er maar eens van komen. Ik ben uitgestapt en heb het uitvoerig bekeken. Ook, en dit is ook helemaal nieuw, zie ik hoe grote plakkaten rubber bij de verschillende huisjes te drogen hangen. Na de oogst verwerken de boeren zelf de rubber tot deze grote plakken. Elke keer is er weer wat nieuws. Thailand je raakt er niet uitgekeken. Ook al ging het met vallen en opstaan het was weer een prachtige dag. Jammer dat ik nog 2 PSV hooligans tegenkwam. Alhoewel. Later op de dag krijgen we ook nog bezoek van Woody.
woensdag 9 februari 2011
Feest
Dan is het tijd om afscheid te nemen van Henriette. Zij gaat vandaag naar huis. We hebben met z’n drieën 3 fijne weken gehad. We laten Ao Nang Paradise resort letterlijk en figuurlijk (foto) achter ons.
Wij gaan richting de oostkust. De route loopt door een heel rustig gebied. De omgeving is weer om van te smullen. Man, hier krijg ik volgens mij nooit genoeg van. Verkopers met massa’s fraai opgestapelde mandarijnen, eindeloze plantages, volgepakte, zeg maar overladen vrachtwagens en af en toe een kleine nederzetting. Anders kan ik het niet noemen. De mensen wonen er onder heel primitieve omstandigheden. Wat ik nog nooit eerder gezien heb is de manier waarop palmen op een soort van eilandjes in ondergelopen, moerassig gebied worden opgekweekt. We zien dat we sowieso door een vochtiger gebied rijden. Het kan natuurlijk ook zo zijn dat dit de naweeën zijn van de enorme hoeveelheid regen die Thailand in het afgelopen regenseizoen te verwerken heeft gehad. Dat moet ik toch eens navragen. Als we in de buurt komen van de provincie Nakhon Si Thammarat wordt het wat drukker op de weg. Nadat we de U-bocht aan het einde van de 4014 richting NST hebben genomen doemen de bekende klaksteen rotsen, nu die van de oostkust aan de Golf van Thailand, op. We naderen onze bestemming, Ekman garden resort in Sao Pao, ca. 10 km onder Sichon. Wat worden we hartelijk, heel hartelijk ontvangen. In de mails die we af en toe uitwisselen krijgen we altijd big hugs. Nou die krijgen we nu echt. Hartstikke leuk. Iedereen is oprecht blij ons weer te zien. Vorig jaar zijn we ook in dit kleine, maar super resortje geweest. Natuurlijk moet ik wel even de taart afgeven zodat die tot vanavond in de koeling kan staan. Er gaat een lichtje branden en ja hoor, er wordt meteen van alles geregeld. We zijn om kwart voor twee hier aangekomen en tot bij vieren is het bijkletsen. Als ik in onze bungalow kom is alles versierd met bloemen. Het valt trouwens op hoe de tuin hier in het afgelopen jaar gegroeid is. Overal planten, bloemen, bloemen en nog eens bloemen en niet de minste. Nog weldadiger dan het vorig jaar. Ik moet er deze week maar eens een kort filmpje van maken en in deze blog plaatsen.
Ondertussen komen er via sms, mail en telefoon gelukwensen binnen. Aad gaat nog even zwemmen, ik blijf in ons huisje, fijn een poosje horizontaal gestrekt. Om een uur of acht komen de gasten bij het barretje bij elkaar. We maken kennis met hen. Het is weer een bont gezelschap, zowel qua nationaliteit als qua gedrag, karakter. Ik weet het, ik heb snel een oordeel, maar dat is nu eenmaal zo. Ik spreek ook geen enkel waardeoordeel uit, ik constateer alleen. Wie mij kent zal verbaasd zijn. Ik zelf ook trouwens. Ik heb kikker gegeten bij de borrel vooraf!!!!! Het billetje ging nog wel, maar voor de rest hhhmppfffgrmm. Om kwart voor negen kunnen we aan tafel. We zijn met 14 personen. In een korte tijd is de hele tafel bedekt met allerlei gerechten. Wat wordt hier veel aandacht aan besteed zeg, het is een grote feestelijke dis. Na het eten gaat het licht uit en mijn taart verlicht met kaarsjes en versierd met bloemen wordt onder luid gezang van iedereen naar buiten (alles speelt zich in Thailand buiten af) gebracht. Alle gasten zijn door Anna ingelicht. Ik wordt toegezongen in het Nederlands, het Zweeds, het Engels, Thai en nog wat ondefinieerbaars. Natuurlijk moet ik de kaarsjes uitblazen. Ik tel ze, het zijn er 17. Mijn buurman vindt dat ik er oud uitzie, want zo grapt hij “I thought you were over 20 years old”. Nou als dat geen compliment is, weet ik het niet meer ook al is het een beetje de “omgekeerde waarheid” natuurlijk. We kletsen nog wat na. Rond elf uur is bij iedereen het kaarsje wel zo ongeveer opgebrand. Langzaam gaat het lichtje uit. Welterusten, good night, schlaf gut, snurkewol.
Luieren
Om een uur of zes lopen we naar het strand. Vandaag is onze laatste kans om hier van de zonsondergang te genieten. En dat doen we!! Wat een prachtig schouwspel. We wandelen nog een eindje over het strand en doen daarna nog wat inkopen. Lopend langs alle kraampjes en winkels kan ik het weer niet laten om nog een jurk annex broek te kopen. Ja geen broekrok, maar een “broekjurk” zal ik maar zeggen. Het restantje 7 februari? Loom, lomer, sloom.
maandag 7 februari 2011
Ao Luek
We hebben gepland om eerst naar de zgn. Tham Pee Hua Toe (ook wel Tham Huakalok genoemd) te rijden. Deze is alleen te bereiken via een tochtje over het water. Als we op een gegeven moment bij de ingang van het “Tharnboke Koranee Marine National Park” staan gaan we eerst dit park bezoeken. Dat staat ook op ons lijstje voor vandaag. Bovendien hebben we zo langzamerhand behoorlijk dorst gekregen dus we schieten de eerste de beste drankgelegenheid binnen. 45 baht voor drie blikjes drinken. Tsjonge jonge. Dit park beslaat 104 vierkante km. Het park omvat onder meer altijd groen blijvende planten, turf moeras, mangrove en aan de kust grenzende beboste kalksteenrotsen. Daarnaast behoren ook een aantal in de Andaman zee gelegen eilanden (Ko Hong, Ko Lao, Ko Bulo en Ko Karot) tot dit park. Waar nu het hoofdkwartier ligt leefden vroeger vele soorten dieren. Dit gebied werd vroeger Than Asok genoemd. Later kreeg het dus de naam Than Bokkhorani. In 1955 werd dit gebied een arboretum. In 1998 werd het tot Nationaal Park verklaard. Het park is zo opgezet dat men er het een en ander van kan leren, er heerlijk kan relaxen en plezier aan kan beleven. Het educatieve aspect krijgt veel aandacht. (zoals trouwens overal in de nationale parken in Thailand) Er ligt een 1.8 km wandelpad doorheen waarlangs verschillende informatieborden zijn geplaatst. In het park is door verschillende kleine stroompjes een natuurlijke poel ontstaan, de Sa Than Bok Khorani. Doordat die natuurlijke stroompjes op verschillende niveaus samen komen zijn er mooie kleine watervalletjes gevormd. Een mooi gezicht een leuke wandeling. En de Thai hebben het helemaal begrepen. In alle rust zitten links en rechts op daarvoor aangelegde plaatsen hele families te genieten van een picknick.
Dan op zoek naar een pier waarvandaan we een oversteek zouden kunnen maken naar de Pee Hua Toe grot. We vragen het op verschillende plaatsen maar er wordt weinig of geen Engels gesproken en zelfs de kaart kan geen uitkomst bieden. Op een gegeven moment spreken we een familie aan. De een wijst rechtsom, de ander links. Zoals later blijkt hebben ze eigenlijk allebei gelijk maar wij gaan dan met behulp van Tommie en op eigen gevoel maar linksom. Dat is een goede keuze. Na ca. 5 minuten staan we plotseling op een parkeerplaats bij een pier. Dat blijkt de goede te zijn. nl. de pier in Ban Bor Thor. De sleutel is nog niet uit het contact of er stopt een brommer met een vrij forse kerel daarop, voor de auto. Eerst denken we nog dat we hier niet mogen parkeren, maar als ik de folder zie die hij bij zich heeft weet ik wel beter. Hij kan ons voor een prikkie naar de grot brengen. “Weet je wel wat je kwijt bent als je een trip door dit gebied via een excursie boekt?” Hij heeft gelijk. We kunnen kiezen zelf kanoën of iemand meenemen die onze kano’s over de rivier peddelt. We kiezen voor het laatste. Hij vraagt een alleszins redelijke prijs en ik moet zeggen het wordt weer een prachtig uitstapje dat meer biedt dan ik vooraf verwachtte. We varen nl. weer door de mangrove. Overal de kleine huisjes met voorzieningen voor vis-, krabben- en oestervangst. Net als gisteren. Voordat we de Huakalok grot bereiken nemen we eerst een kijkje in de Tham Lod. Deze grot is eigenlijk een tunnel die onder de kalkstenen rotsen ligt met een grote variëteit aan stalagmieten en –tieten. Daarna varen we een lagune in. Zo dat was allemaal al extra, nu naar de Pee Hua Toe grot, die eigenlijk ons doel is. Deze grot behoort ook tot het Tharnboke Koranee park. Letterlijk vertaald betekent Tham Pee Hua Toe de grot van de geest met het grote hoofd. Het wordt ook wel de schedelgrot genoemd omdat hier in 2497 BE, (de jaartelling begint bij de dood van Boeddha in 543 voor Christus) in onze jaartelling 1954, schedels zijn gevonden. Op de wanden en het dak van de grot zijn prehistorische tekeningen gevonden. Waarschijnlijk is er in het zuiden van Thailand geen grot te vinden waar meer van deze prehistorische tekeningen zijn te vinden. De tekeningen zijn in drie categorieën onder te verdelen; vormen van mensen en dieren, andere wezens en handen en voeten. Voor de schilderingen zijn de kleuren rood, zwart, geel en bruin gebruikt. De grot is van grote archeologische waarde. Hier ligt het bewijs dat er 3000 jaar geleden aan de kust van de Andaman zee een gemeenschap van mensen leefde. Zij gebruikten de grot als onderdak en vonden hier voldoende natuurlijke bronnen en eten om in leven te blijven. De grot bestaat uit een labyrint van doorgangen waar je bij laagtij door kunt wandelen. Ik vind de verschillende groentinten in de kalkstenen rotsen opvallend mooi.
Op de terugtocht moeten de kanoërs flink wat meer werk verzetten. We varen nu stroomopwaarts. Als we weer bij de pier zijn aangekomen hebben we trek in een hartig hapje. Over een lange houten, gammele loopbrug worden we het “restaurant” in geloodst. We komen echter niet verder dan een portie gebrande cashewnoten en een bordje gemengd fruit. Weer zie ik een voor mij nieuw soort visje: het trompetvisje. Misschien wel bekend maar op het terrein van vissen ben ik dus absoluut een leek. Kennelijk zijn ze op eten uit en wordt er hier zo af en toe wat in het water gegooid. Het wemelt ervan. Als we een klein stukje meloen in het water gooien zijn ze er als de kippen bij. Mooi om te zien hoe deze visjes de buit verorberen. Ze pakken deze op met hun snuit, net achter het trompetje en gaan er als de gesmeerde bliksem mee vandoor. Op een rustiger plekje, hap, is het ineens in het bekje verdwenen, of een ander trompetterke zwemt even rap over zijn maatje heen en heeft het eten dan op zijn snuitje liggen en gaat er mee vandoor. Heel typisch hoe goed dit kleine wezentje is uitgerust om te eten. Het is bijna laagtij. De mangrove is dus voor een stuk “droog” komen te liggen. En gelukkig maar, zo zien we dan nog iets van het leven daarin. Twee varanen bewegen zich traag, (aangepast aan de Thaise manier van leven?) door de modder. Hier en daar zien we een enkel krabbetje lopen. Verder spot ik libellen die ook helemaal nieuw voor me zijn. Het is een heel kleine roodbruine soort met aan de uiteinden doorzichtige vleugels. Eerder die dag zagen we ze ook al in het natuurpark. De camera wordt dus maar weer tevoorschijn gehaald en de beestjes worden vastgelegd.
We volgen dezelfde route terug naar Ao Nang. Het is half zes geweest als we daar aankomen. We drinken eerst iets en dan fijn een uurtje plat. Vandaag ga ik bij het eten voor een biefstukje met frites en rauwkostsalade. Het kan niet Europeser maar is toch wel verdraaid lekker na al die dagen rijst met. Een cappuccinootje van S. erachteraan en we zijn weer helemaal verzadigd. Beetje bloggen en een spelletje en dat was het dan voor vandaag. Weer een fijne dag in de natuur beleefd.